Logo | Protestantse Kerk Nederland

Kerkleven Nieuws

Waar moet het heen met de kerk?

plaatje-1-bij-hoofdartikelBij het uitkomen van deze editie van Kerkleven is het anderhalve week geleden dat het kabinet de laatste begroting heeft gepresenteerd voor de verkiezingen. De algemene beschouwingen zijn in volle gang, en staan nog meer dan anders in het kader van campagne voeren. De regeringspartijen proberen de resultaten van het beleid van de afgelopen jaren zo goed mogelijk voor het voetlicht te brengen, de oppositie probeert vooral naar voren te halen wat er niet goed is gegaan, waar de regering steken heeft laten vallen. Zo dingen alle partijen naar de gunst van de kiezer.

 

Bij dat campagne voeren, en ook later bij het vormen van een regering, hebben politieke partijen altijd te maken met een spanning: aan de ene kant hebben ze hun idealen, aan de andere kant hebben ze te maken met de publieke opinie. En die lopen niet altijd gelijk op. Daarom moeten partijen continu bewegen tussen die twee polen: wat er in de samenleving leeft, en hun eigen idealen. Ze moeten zich continu afvragen: wat betekenen onze idealen in een veranderende samenleving? Hoe kunnen we ze zo vorm geven, dat we ze daadwerkelijk kunnen realiseren?

 

Ook de kerk heeft te maken met die spanning. Aan de ene kant heeft de kerk haar eigen boodschap en traditie. Aan de andere kant wil de kerk bij de tijd zijn, aansluiten bij wat mensen willen. En in een tijd waarin de manier waarop mensen geloven zo snel verandert, is het niet zo gemakkelijk om daar als kerk positie in te kiezen; zeker niet omdat mensen binnen de gemeente er vaak heel verschillend over denken. Sommige mensen vinden dat de kerk onverkort aan haar eigen boodschap moet vasthouden. Andere mensen zijn in de loop van de tijd heel anders gaan denken, en vinden dat de kerk daarin mee moet. Sommige mensen vinden dat de vormen in de kerk achterhaald zijn, dat het tijd is voor vernieuwing. Anderen vinden de vormen juist belangrijk, willen het zo houden als het is.

 

Onder druk van de kerkverlating is de balans in de Protestantse Kerk in Nederland lange tijd doorgeslagen in de richting van vernieuwing. Kerken moesten met de tijd mee, anders zouden ze leeg lopen, was het devies. Er kwamen jongerendiensten, kinderdiensten, Taizévieringen, gespreksgroepen. Er kwamen filmavonden, startzondagen, jeugdkerken, kerstnachtdiensten, top 2000 diensten en ga zo maar door. Vanuit de landelijke kerk werd er allerlei materiaal aangereikt om op een moderne manier kerk te zijn. De vormen werkten: er was enthousiasme, mensen voelden zich betrokken, mensen die normaal gesproken misschien niet zouden komen, lieten hun gezicht weer eens zien. Maar ondanks het succes werd de kerkverlating er niet door gestopt; die ging in hetzelfde tempo door.

 

De laatste tijd gaan er naast deze initiatieven ook steeds nadrukkelijker andere stemmen op. Steeds meer mensen zeggen: ‘Hoe hard we ook proberen om de kerk te vernieuwen, we kunnen het tij van de ontkerkelijking niet keren. De tijd dat de kerk een zo centrale positie had in de maatschappij is voorbij. We moeten accepteren dat de betrokkenheid bij de kerk anders, minder wordt. We moeten niet teveel willen vernieuwen, we moeten onszelf blijven. Daarin zit onze kracht.’ Dat is de teneur van het rapport Kerk 2025, en van het invloedrijke boek van de theoloog Stefan Paas: Vreemdelingen en priesters. ‘We moeten niet krampachtig proberen vast te houden aan het verleden’ zeggen die. ‘We moeten accepteren en vooruit kijken. Alleen dan kan de kerk vitaal blijven.’

 

Persoonlijk voel ik mij het meest thuis bij een positie tussen deze uitersten in. Aan de ene kant denk ik, dat het tij van de kerkverlating inderdaad niet te keren is; en dat het beter is dat we ons daar als kerk bij neerleggen. Aan de andere kant zijn veel van de nieuwe vormen die in de afgelopen tientallen jaren ontwikkeld zijn, en die nog steeds ontwikkeld worden (denk aan de pioniersplekken) enorm verrijkend. Er worden nieuwe wegen gevonden om het geloof vorm te geven, om samen kerk te zijn. Die wegen bieden nieuwe kansen om God te vinden.

 

Wat bij dit alles heel belangrijk is, dat is het geloofsgesprek. Want juist in het geloofsgesprek is het mogelijk om woorden te vinden voor wat het geloof voor ieder van ons betekent: oude woorden of nieuwe woorden. En juist in het geloofsgesprek kunnen we elkaar inspireren, kunnen we God op het spoor komen: in wat ons bindt, maar ook in wat ons verschillend maakt. ‘Want de Geest spreekt alle talen.’

 

ds. Gertjan de Pender, Varsseveld

plaatje-2-bij-hoofdartikel

 

PUZZEL

Wie heeft dat gezegd?

 

A David F Hizkia K Jesaja P Samuël V Kaïn
B Job G Ester L Elisa R Rebekka W Mirjam
C Gideon H Pilatus M Mozes S Johannes X Thomas
D Simson I Adam N Elia T Petrus IJ Jozua
E Jezus J Ruth O Eva U Paulus Z Maria

 

Hieronder staan elf uitspraken van Bijbelse personen. Van wie zijn die uitspraken?

 

Kijk in de diagram bovenaan deze pagina welke letter bij welke persoon hoort. Schrijf die letters op en je vindt de oplossing van deze puzzel. De uitspraken komen uit de Bijbel in Gewone taal.

 

1. Ik hoef toch niet op mijn broer te passen?

2. Eindelijk een mens, net als ik!

3. Ik ben de stam van Gods druivenplant.

4. Drink maar wat. Ik zal ook de kamelen laten drinken.

5. Uw volk is mijn volk, en uw God is mijn God

6. Het echte geluk is voor mensen die weten dat ze God nodig hebben.

7. Het goede krijgen we van God, het slechte ook!

8. Zon, sta stil boven de stad Gibeon.

9. De Heer heeft mij alles gegeven, en de Heer heeft alles weer van mij afgenomen.

10. Houd deze maaltijd steeds opnieuw om aan mij te blijven denken.

11. U moet naar uw buren gaan om te vragen of u van hen lege kruiken mag lenen.

 

Vul je oplossing in op www.bijbelgenootschap.nl/prijspuzzel en maak kans op een dwarsligger met teksten uit de Bijbel in Gewone Taal.

Heb je geen internet, dan kun je je oplossing ook per post sturen naar:

Nederlands Bijbelgenootschap, Postbus 620, 2003 RP Haarlem, onder vermelding

van ‘Wie heeft dat gezegd’.

Wat kan het huis uit?

Missionair kerkzijn is ‘veranderen’; open staan voor nieuwkomers. Maar wat nou als zij echt mee gaan doen?

Stel, de gemeente stelt zich open en zoek bewust contact naar nieuwkomers. En stel, dat werpt vruchten af. Wat dan? De kerk raakt voller, het oude vertrouwde plekje is opeens bezet, en nieuwe mensen doen de dingen net even anders en stellen vragen bij bestaande manieren. Is het dan nog wel zo fijn om gastvrij te zijn? De vaste kern van de gemeente is niet langer ‘onder ons’. Er ontstaat een spanningsveld tussen veranderen en dat wat we graag willen vasthouden: ‘onze’ traditie.

Het is belangrijk om niet in uitersten te vervallen: star vasthouden aan traditie en dat wat ons vertrouwd is aan de ene kant, en alles maar overboord gooien voor de nieuwe bezoekers aan de andere kant. De praktijk zit er altijd ergens tussenin. Dat neemt de spanning niet weg: wat voor de één onopgeefbaar is, kan de ander inleveren voor de nodige vernieuwing. De één is bereid om nieuwe liederen te zingen die aansluiten bij jongeren, de ander gaat ervan over zijn nek.

Overigens, gevestigde tradities kunnen ook erg aansprekend zijn voor nieuwkomers. Klassieke kerken en liturgieën trekken ook mensen die juist houden van dat wat de eeuwen heeft doorstaan. Kerk moet ook ‘kerk’ zijn en blijven. Een lege kamer is niet aantrekkelijk.

​Wat kan het huis uit?
De vraag is dus: wat kan blijven in het huis van de Kerk (wat is essentieel voor de ‘inrichting’?) en wat mag het huis uit? De gesprekken hierover vallen niet altijd mee. Voor je het weet zetten mensen elkaar weg als behoudzuchtig of roekeloos vernieuwend. In zo’n situatie komt een groep alleen verder als mensen hun verlangen delen, en ook het verdriet om wat verloren lijkt te gaan.

​Gebed verbindt
Psalm 102 kan hierbij helpen. Het is een psalm vol verlangen. Er is verdriet om de puinhopen van Sion, en van daaruit wordt gebeden om herstel en vernieuwing. Er wordt recht gedaan aan wat was. En er is gerichtheid op de toekomst. Gebed lijkt daarin een verbindende rol te spelen. Dat is van belang als het gaat om de soms moeizame gesprekken over traditie en vernieuwing in de kerk. Als mensen dan kwetsbaar durven te delen wat hén inspireert, samen een psalm lezen en eerlijk bidden (dat wil zeggen: open staan voor Gods Geest), kunnen hete hoofden en koude harten veranderen.

Bonhoeffer heeft het in dat verband over ‘driehoeksrelaties’: ik benader de ander langs de weg van Christus. Ik kijk niet alleen maar vanuit mijn perspectief, maar probeer me te verdiepen in de ander- vanuit de liefde van Christus. Dat komt in feite neer op een gedurige oefening in nederigheid. Dat is niet ‘min’ over jezelf denken, maar minder aan jezelf denken. Alleen zó kunnen we missionair zijn: in betrokkenheid op elkaar en met oog voor mogelijke gasten. Dáár ligt de opdracht in ons omgaan met de traditie.
ds. Nynke Dijkstra, stafmedewerker Missionair Werk.
>Bron: www.protestantsekerk.nl/actueel, bericht d.d. 29 augustus 2016.

Ga met Kerk in Actie op reis naar Zuid-Afrika

Wilde u altijd al eens een bezoek brengen aan Zuid-Afrika, een boeiend land waarmee Nederland een gedeeld verleden heeft? Grijp dan nu uw kans en ga mee op reis met Kerk in Actie! In dit land van grote uitersten brengt u onder meer een bezoek aan een partner van Kerk in Actie, die centraal staat in de 40dagentijd in 2017. De Sozo Foundation die zich inzet voor kinderen en jongeren in de sloppenwijken rond Kaapstad. Natuurlijk geniet u ook van de prachtige natuur en culturele bezienswaardigheden. Zo krijgt u een gevarieerd beeld van dit boeiende land. Het is een 10-daagse reis voor 50-plussers van 21 februari tot 2 maart 2017. De kosten liggen rond de € 1.700,-. Of gaat u liever in november 2017 mee naar Myanmar? Kijk op www.kerkinactie.nl/reizen voor meer informatie of neem contact op met Hanneke van den Biggelaar, reizen@kerkinactie.nl, (030) 692 7869

Vijfduizend (kinder)bijbels voor Tsjernobyl

Het logo van het Nederlands BijbelgenootschapTsjernobyl: we kennen het vooral van de kernramp in 1986. Het Nederlands Bijbelgenootschap verspreidt – met uw hulp – bijbels in dit gebied, om mensen steun en nieuwe hoop te bieden.
In de nacht van 25 op 26 april 1986 ontplofte er een kernreactor in Tsjernobyl. Negen ton radioactief materiaal werd de lucht in geblazen, dat is ruim negentig keer zoveel als bij de atoombom op Hiroshima. Inmiddels zijn we dertig jaar verder. Een groot gebied op de grens van Wit-Rusland en Oekraïne is nog altijd ontoegankelijk. De mensen die nog aan de rand het gebied wonen, hebben het zwaar. Vaak zijn ze ziek, werkloos en arm. Spirituele steun is hard nodig.

Terug naar Tsjernobyl
Toch komen er langzamerhand ook weer mensen terug naar het gebied. Zo ook priester Alexander Makhnach en zijn gezin. Zij wonen in Naroulia, aan de rand van het afgesloten gebied. Alexander wil met zijn geloof hoop brengen op een plek waar mensen het zo hard nodig hebben. Daarvoor heeft hij bijbels nodig. Ook Roman, voorganger van een evangelische gemeente in Chojniki, wil mensen in de omgeving van Tsjernobyl nieuwe hoop geven. De bijbels die hij uitdeelt in weeshuizen worden met open armen ontvangen.

Het NBG verspreidt bijbels in Tsjernobyl
Het NBG verspreidt, in samenwerking met het Wit-Russisch Bijbelgenootschap, (kinder)bijbels in de omgeving van Tsjernobyl. Gezamenlijk leveren we bijbels aan elfhonderd kerken, gemeenten en instellingen – zoals weeshuizen, ziekenhuizen en afkickcentra. Maar de behoefte aan bijbels is op dit moment zo groot, dat we de vraag nauwelijks aan kunnen. Elk jaar komen er maar liefst honderd nieuwe aanvragers bij. Met uw hulp kunnen we als bijbelgenootschappen meer mensen steun en hoop bieden met een bijbel.

Vijf bijbels voor € 30,-
Een bijbel is voor de mensen in de omgeving van Tsjernobyl onbetaalbaar: de kosten zijn zo’n 10% van een modaal inkomen. Dat zou in ons land neerkomen op € 200,- per bijbel. Voor elke € 6,- die u geeft, geeft u een bijbel. Voor € 30,- geeft u maar liefst 5 bijbels. Een kleine gift van u is van enorme waarde.

Kijk ook op: bijbelgenootschap.nl/projecten/tsjernobyl/.

Bron: Nederlands Bijbelgenootschap, Haarlem

Kerk en Israël Onderweg: ‘Waar een Bron is, is water’

Abel de Jong overleefde als joodse onderduiker de Tweede Wereldoorlog in Nederland. Hij vertelt in het septembernummer van Kerk & Israël Onderweg hoe het was om als joodse jongen ondergedoken te zijn in een christelijk milieu, christelijk opgevoed te worden, maar op latere leeftijd bewust te kiezen voor het jodendom. Abel (76) woont met zijn vrouw Ruth in Israël. Hij is een neef van de bekende historicus dr. Lou de Jong.

Het septembernummer introduceert een nieuw jaarthema: ‘Waar een Bron is, is water’. De redactie sluit aan bij de wens van de synode om ‘back to basics’ te gaan (visienota ‘Kerk 2025, Waar een Woord is, is een weg’). In het nummer staat ‘De verrassing van Abraham’ centraal. Een joodse, christelijke en moslimauteur geven hun visie op dit onderwerp. Er wordt eveneens vooruitgeblikt op het internationale symposium over Jezus en Paulus als joodse hervormers dat op 7 en 8 november in Lunteren zal plaatsvinden.
>Kerk & Israël Onderweg is een uitgave van de Protestantse Kerk. Een abonnement kost € 9,75 per jaar (vier nummers). Vraag een proefnummer aan via kerkenisrael@protestantsekerk.nl. Meer informatie over abonnement en downloads eerdere nummers: Kerk en Israel Onderweg, in www.protestantsekerk.nl/kerkenisraelonderweg.

De Bijbel – nóg belangrijker dan de Ikeagids?

Het logo van het Nederlands BijbelgenootschapIs de Bijbel het belangrijkste boek van Nederland? Niet als je kijkt naar oplage en verspreiding.

In een debat – op tv of bij de borrel – gaat het vaak zo: iemand zegt dat de Bijbel voor hem of haar belangrijk is en noemt als voorbeeld een inspirerende tekst. ‘Heb je vijanden lief’. Meteen reageert dan een ander met: ‘Die Bijbel staat juist vol geweldsteksten. Kijk maar eens in het Oude Testament. En zelfs Jezus zegt: “Ik kom geen vrede brengen, maar het zwaard”. En dat was dan weer het gesprek over de Bijbel.

Natuurlijk, het is verleidelijk om de Bijbel zo te gebruiken. Het is immers een rijke verzameling boeken. Je vindt altijd wel wat. Maar het doet me denken aan de Bijbel als Ikeagids: op elke bladzij een product, kies maar wat van je gading is. Draait het om liefde? Een tekst is snel gevonden. Bewijzen dat gelovigen sukkels of onmensen zijn? Blader wat en sla ze om de oren.

Maar het punt is: wie de Bijbel werkelijk belangrijk vindt, leest anders. Die zoekt geen snelle toepassingen. Die is er niet mee bezig om zijn gelijk te halen. Want daar gaat het niet om.

Waar gaat het dan wel om? Dit is wat lezers zelf zeggen: ‘Ik zoek troost’, ‘Ik hoop wijsheid te vinden’, ‘ik wil mezelf voor blijven houden dat er meer is in het leven dan geld en succes’, ‘ik wil alle beslommeringen even loslaten en bezig zijn met wat er echt toe doet’, ‘ik lees om Gods stem te horen’.

Hoe verschillend dit ook klinkt, je kunt het in één zin samenvatten: ‘Ik lees omdat de Bijbel weerspiegelt wat voor mij belangrijk is’. Mensen herkennen hun diepste waarden in de Bijbel. Ze spiegelen zich eraan, voelen zich erdoor gesterkt, getroost en veranderd. Tegenover de stortvloed van vluchtigheden en de waan van de dag, is de Bijbel voor veel mensen een ijkpunt voor rust, reflectie en gevoel voor wat echt belangrijk is.

De Bijbel is rijk aan diversiteit, minstens zo rijk als de Ikeagids. Maar dát is nog niet wat de Bijbel tot zo’n belangrijk boek maakt. Veel lezers ervaren het als een boek dat dicht bij het leven staat. Het leven in al zijn schoonheid en gruwelijkheid. Het gaat over goed en kwaad, over het leven zoals het bedoeld is, over duizend keer jammerlijk falen en over je bestemming als mens. Geen efficiënt quick-fix opbergsysteem voor je leven, maar een zoektocht naar zin en betekenis.

Er zit ook geen voorgeschreven handleiding bij. Lezers die de Bijbel hun belangrijkste boek noemen, hebben heel verschillende ideeën over God of over waarheid. Maar er is iets dat hen al tweeduizend jaar verbindt: ze ervaren dat de Bijbel een boek is dat volledige betrokkenheid vraagt van de lezer. Met je verstand, je gevoel, en heel je menszijn.
Een boek dat zo veel van zijn lezers vraagt, dát is een belangrijk boek.

Bron: Blog van vertaler dr. Matthijs de Jong op bijbelgenootschap.nl